Sommige schrijvers denken dat hun manuscript klaar is voor eindredactie, terwijl het verhaal nog fundamentele problemen bevat. Anderen blijven eindeloos herschrijven uit onzekerheid, terwijl ze juist baat zouden hebben bij feedback van buitenaf. Hoe kom je er nou achter welke hulp je als schrijver nodig hebt?
Regelmatig krijg ik aanvragen voor redactie van manuscripten die eigenlijk nog niet klaar zijn voor die fase. Niet omdat de schrijver geen talent heeft, maar omdat die de staat of fase van het manuscript verkeerd inschat.
In deze blog leer je hoe je eerlijker naar je eigen schrijfvaardigheid kijkt, welke vormen van feedback er bestaan en vooral: wanneer een schrijfcursus, schrijfcoach, proeflezer of redacteur de juiste volgende stap is.
Waarom schrijvers zichzelf verkeerd inschatten
Vrijwel iedere schrijver heeft een vertekend beeld van zijn eigen werk. Dat geldt voor beginners, maar ook voor ervaren auteurs. Als schrijver ben je volledig ondergedompeld in je eigen verhaal. Je kent de personages, de wereld en de bedoeling achter elke scène.
Daardoor zie je vaak niet meer wat er daadwerkelijk op papier staat. Je leest wat je bedoelde te schrijven in plaats van wat er werkelijk staat.
Bovendien zijn enthousiaste reacties van familie en vrienden vaak geen goede graadmeter.
Redactie is niet de oplossing voor elk schrijfprobleem
Redactie is geen vervanging voor schrijfvaardigheid. Een redacteur hoort geen manuscript te redden dat nog vol beginnersfouten staat. De meeste manuscripten die te vroeg worden ingestuurd, hebben nog meerdere herschrijfrondes nodig.
Wie te vroeg redactie inzet, betaalt vaak voor problemen die eerst zelf opgelost hadden kunnen worden.
Wanneer is een manuscript nog niet klaar voor redactie?
Een manuscript is vaak nog niet klaar voor redactie als je bijv. regelmatig:
- Niet inspringt bij een volgende alinea, of helemaal geen alinea’s gebruikt.
- Van perspectief wisselt binnen scènes.
- Wisselt tussen verleden en tegenwoordige tijd.
- Veel vertelt in plaats van laat zien (show don’t tell niet toepast).
- Onnodige uitleg toevoegt (infodump).
- Dialogen onnatuurlijk schrijft.
Dit is wat je als schrijver zelf moet leren herkennen en verbeteren.
Een redacteur kan dit aanwijzen, maar als het manuscript er vol mee staat, zou dat te veel werk zijn (en meer geld kosten). Als dit het geval is, ben je eigenlijk nog bezig met schrijfontwikkeling.
Denken dat je kunt schrijven versus daadwerkelijk kunnen schrijven
Een van de lastigste valkuilen voor beginnende schrijvers is het verwarren van mooi taalgebruik met goed schrijven.
Veel auteurs schrijven lange, ingewikkelde zinnen en gebruiken dure woorden. Daardoor lijkt een tekst literair, maar dat betekent niet automatisch dat het verhaal werkt.
Goed schrijven draait niet om indruk maken met woorden. Het zorgt ervoor dat de lezer iets voor zich ziet, voelt en ervaart.
Als je een boek gaat schrijven, denk je misschien: een verhaal hoort ‘vertelt’ te worden. Een van de moeilijkste schrijfadviezen om te begrijpen en toe te passen is show don’t tell. De kunst van schrijven is om beelden te schetsen in het hoofd van je lezer, om hun verbeelding in werking te stellen en niet om de lezer te dicteren door alles uit te kauwen en te ‘vertellen’ wat er gebeurt. Er zijn verschillende stijlmiddelen die je hiervoor in kunt zetten. In dit blog schrijf ik meer over show don’t tell.
Hoe ontdek je welke hulp je als schrijver nodig hebt?
Waar je ook staat, het is altijd een goed idee om:
– Mee te doen aan schrijfwedstrijden
Het gaat dan niet om het winnen. Het meedoen is al ontzettend waardevol en leerzaam. Op deze manier leer je te schrijven binnen verschillende genres en kaders.
– Boeken te lezen binnen jouw genre(s)
Zo ontdek je wat voor verhalen worden uitgegeven, welke tropes er zoal in voorkomen, wat de lezersverwachtingen zijn. Maar je kunt ook ontdekken wat jou uniek maakt, wat jouw verhaal toevoegt wat in andere verhalen ontbreekt.
1. Signalen dat je eerst meer schrijfmeters moet maken en (nog) een schrijfcursus nodig hebt
- Je hebt weinig schrijfervaring.
- Je hebt weinig kennis van schrijftechnieken. Je kent begrippen als perspectief, foreshadowing en show don’t tell nauwelijks, laat staan dat je weet hoe je het toe moet passen.
- Je grammatica en opmaak is slordig.
- Je hebt nog geen volledig manuscript geschreven.
Schrijven leer je niet in één weekend. Verschillende docenten leggen andere accenten. Daarom is het een goed idee om meerdere schrijfcursussen te volgen of mee te doen aan een schrijfretraite. Juist door meerdere cursussen te volgen, ontwikkel je een bredere gereedschapskist.
Wat zo waardevol is, is dat je naast feedback van de docent, ook feedback krijgt van andere schrijvers.
2. Signalen dat je nu het meeste hebt aan schrijfmaatjes of schrijverscommunity’s
Als je al schrijfcursussen hebt gevolgd en de feedback van andere schrijvers mist. Of als een schrijfcursus voor jou financieel niet haalbaar is.
Vaak is de volgende stap dan simpelweg andere schrijvers vinden die je werk lezen (en wiens werk jij leest). De plek bij uitstek hiervoor is de schrijverscommunity van De Kopij.
Andere auteurs herkennen problemen die vrienden of familie missen. Ze zien sneller waar scènes de plank misslaan, waar spanning wegvalt of waar personages ongeloofwaardig reageren. De voordelen zijn dat je regelmatig feedback kunt vragen, dat je ook leert van de manuscripten van andere schrijvers, en dat je naast het ontwikkelen van zelfinzicht leert om feedback te ontvangen én te geven.
3. Signalen dat je een schrijfcoach kunt gebruiken:
- Je krijgt jouw verhaal niet op papier zoals je het voor je ziet.
- Je loopt telkens vast tijdens het schrijven.
- Je personages blijven te plat.
- Het lukt je niet om het plot kloppend te krijgen.
Een schrijfcoach helpt wanneer je de basis beheerst (meerdere schrijfcursussen gevolgd, al schrijfmeters gemaakt), maar vastloopt in het schrijfproces. De focus ligt dus op de ontwikkeling van de schrijver.
Een schrijfcoach helpt je niet alleen met het op papier krijgen van de eerste ruwe versie, maar ook met het ontwikkelen van je schrijfvaardigheid.
4. Signalen dat je proeflezers in kunt schakelen
Vaak is dit een goede stap voor inhoudelijke redactie. Beter niet ter vervanging. Het is een goed idee om proeflezers in te zetten als je jouw eerste ruwe versie af hebt. Als je denkt: nu staat mijn verhaal echt. Tuurlijk, het is nog niet perfect. Maar dat is precies waarom je het laat proeflezen.
Proeflezers zijn vaak boekenliefhebbers, soms ook boekrecensenten. Veel doen dit gratis. Er zijn ook proeflezers die wat meer ervaren zijn of dit het professioneel aanpakken, zij vragen er wel geld voor. Je zou ook een redacteur in opleiding kunnen vragen.
Het is handig om je manuscript naar een stuk of 3 proeflezers te sturen, en om hen dezelfde vragen te stellen als je graag feedback wilt vergelijken of een bepaald verhaalelement in kaart wilt brengen. Je zou ook meerdere proeflees-rondes kunnen overwegen.
Vraag de proeflezers niet wat ze goed en minder goed vonden, maar vraag hen waar ze afhaakten of juist het verhaal in werden getrokken, of je personages geloofwaardig en ‘rond’ overkomen, of ze plotgaten tegenkomen, etc. Kijk welke feedback steeds terugkomt. Eén opmerking kan toeval zijn. Als meerdere lezers met hetzelfde komen, weet je dat dat echt een aandachtspunt is.
5. Signalen dat het tijd is voor inhoudelijke redactie
Als proeflezers over het algemeen positief zijn over je manuscript, als je hun feedback hebt verwerkt, en alle beginnersfouten er zoveel mogelijk uit hebt gehaald, is je manuscript toe aan redactie. Op dit punt heb je al veel werk verzet. Toch zal er sprake zijn van blinde vlekken. Je ziet zelf niet meer hoe vaak je een bepaald woord of specifieke zinsnede gebruikt. Je hebt zelf niet meer in de gaten dat een bepaalde dialoog net niet helemaal natuurlijk klinkt of een uitspraak van een personage voor meerdere interpretaties vatbaar is.
In dit stadium is verdieping nodig. Bij inhoudelijke redactie ligt de focus op het manuscript. De redacteur leest je manuscript van begin tot eind, met het oog op alles dat de volledige onderdompeling van de lezer (reader immersion) in de weg staat. Denk aan plotgaten, te traag (of te snel) tempo, geen strakke spanningsboog, een gebrek aan conflict, weinig diepgang, structurele gebreken (te lange of te korte hoofdstukken, onlogische opeenvolging van gebeurtenissen), personages die niet voldoende een transformatie doormaken). Proeflezers lezen het simpelweg niet zo grondig.
6. Signalen dat het tijd is voor persklaarmaken en correctie
Je manuscript is klaar voor de redactieronde die ‘persklaarmaken’ heet als je verhaal inhoudelijk staat als een huis en er geen grote structurele problemen meer zijn. Je bent klaar met herschrijven.
Daar beland je niet zomaar. Als je je in dit stadium bevindt, is dat hoogstwaarschijnlijk omdat je het A. al heel vaak hebt herschreven. B. hebt laten lezen door andere schrijvers en door proeflezers C. je het inhoudelijk hebt laten redigeren.
Persklaarmaken is de een-na-laatste stap (daarna volgt nog correctie van de drukproef). Bij deze laatste redactierondes ligt de focus op taalverzorging. Tijdens let de persklaarmaker op inconsistenties, onlogische redenering, feitelijke onjuistheden, of het taalgebruik passend is, en verbetert zinsbouw, spelling, interpunctie, alinea’s en woordvolgorde.
Volgende stappen in jouw schrijfproces
Als schrijver is het lastig om je eigen niveau in te schatten. Het risico bestaat dat je te vroeg om redactie vraagt of te lang alleen blijft worstelen.
Hoe beter je jezelf kunt inschatten, hoe sneller je groeit als auteur. Je investeert op het juiste moment in de juiste hulp en voorkomt kostbare omwegen.
Wil je weten welke stap voor jou logisch is? Vraag de quickscan aan. Dit kan helpen om in kaart te brengen of jij vooral baat hebt bij een cursus, schrijfcoach, proeflezers, inhoudelijke redactie of een persklaarmaakronde. De quickscan is ideaal als je wil weten welke vorm van begeleiding op dit moment het beste bij jouw situatie past.
Schat je jezelf eerlijk in als een beginner? Bekijk dan mijn starterskit voor schrijvers; alles dat je nodig hebt om jouw verhaalidee uit te werken.
Of neem contact op en dan kijk ik met je mee om te bepalen wat voor jou de beste volgende stap is.





